TV, Magazine en Club voor motorfans!
Promotor
 | 

Alpencols waarbij Croix in de naam staat, zijn de waypoints van de kruistocht door het geweldige berglandschap van de Franse Alpen. We rijden over passen en wegen die niet iedereen kent. En waar je onherroepelijk verliefd op wordt, zoals op de Col de la Croix de Fer.

Geweldig! We zijn door de Gorges des Gats geslopen als twee gloeiwormen op volle snelheid, we konden er simpelweg niet genoeg van krijgen om in het maanlicht door de bergen te toeren. Inmiddels staan we in de middle of nowhere: op de splitsing van de D539 en de D1075. Een onherbergzaam gebied dat even goed de Melkweg zou kunnen zijn. Een uitzicht zoals bij Matt Kowalsky in Gravity, waarbij we in de oneindige nacht lijken op te lossen. Tja, wie met een racekanon als de BMW S1000XR door de bergen jakkert, denkt nog niet aan een slaapplaats voor de nacht. Tijdens de verplichte rookpauze van collega Armin krijgen we een seintje. Op het display van mijn smartphone verschijnt: Hotel Le Commerce, op vijf kilometer van Lus-la-Croix-Haute. Complimenten voor booking.com. En in het gezellige hotelletje wacht ons pasta in roomsaus, evenals het karakteristieke met pittig hop gekruide bier. Helemaal goed!

Au revoir en Bonne route

Dit is het Frankrijk waar we dol op zijn: de motoren hebben de nacht zoals het ze betaamt voor het gemeentehuis doorgebracht, naast de bloembakken. Bij de waterplaats staat een oude R6, in tijdloos beige, als grootmoeders ondergoed. En tijdens het petit-déjeuner worden we begroet door hotelhond Buck, onmiskenbaar een afstammeling van een hoogpolig tapijt. Dan een kort maar vriendelijk Au revoir en Bonne route.

Terwijl buiten bij Commerce gastvrouw Agnès de nieuwe dagschotel ophangt, ontwaakt vis-à-vis de wolf in zijn wit/antraciete gentleman-outfit en trompettert er, net als Donald Trump, lustig op los. En meer valt er in feite ook niet op de klassieke BMW aan te merken. Zelfs een doorgewinterde boxerfan valt voor de vier-in-lijn, want al snel sluit je de hoogpotige XR in je hart. Het is eenvoudig een onweerstaanbare motor voor op deze binnenwegen, ondanks en dankzij zijn 160pk. Deze komen weliswaar pas bij het astronomische getal van 11.000 tpm op stoom, maar ook in het lage toerentalbereik presteert de BMW voldoende voor wie niet graag schakelt, zodat de Beierse motor in vergelijking met haar concurrenten uit Italië en Oostenrijk niet ‘met een omgekeerde versnelling’ naar het kruis hoeft te kruipen. En dat is nog eens een elegant bruggetje naar het eigenlijke onderwerp van deze reis.

Een echte alpenkruistocht

De tocht door de Franse Alpen moet letterlijk een kruistocht worden. Lees maar even mee: Col de la Croix-Haute, Col de la Croix de Fer, La Croix de Fer, Col de la Croix-Fry, alsook de Croix de Couer en opnieuw de Col de la Croix. Voor wie een woordenboek nodig heeft: pas van het hoge kruis, pas van het ijzeren kruis, enz. En nu het gas erop, over de nationale weg D1075, die uitnodigt tot veel te hard rijden, via de nogal teleurstellende Col de la Croix-Haute, tot kort erop de D 66 afbuigt, op weg naar Mens waar de Col du Banchet omhoog slingert. Aan de Bugatti-blauwe hemel een eenzame DR400, nee, geen Suzuki, maar een Robin, een Frans vliegtuigje met naar boven afgehoekte vleugelpunten; aan de horizon golven de bergen stil en onweerstaanbaar, alsof ze willen zeggen: ‘Kom, speel met ons’. De XR wil overigens niets anders.

In St-Jean-de-Hérans houden ze er kennelijk van om uit bonte stenen bloempotten mensen te voorschijn te toveren, die op een kruising het verkeer toelachen. Wanneer we op de D114 tussen La Mure en La Morte vervolgens het bos met de haarspeldbochten induiken, verschijnt er op ons gezicht ook een lach.

‘Haribo maakt kinderen blij, ouderen horen ook daarbij’ luidt de slogan – en de Col de la Croix de Fer doet niet anders. Met een ook in Frankrijk voor lekkerbekken verkrijgbare zak snoepjes in de tanktas van de BMW - die met het oog op het navigatietijdperk volledig zonder kaartenvak is uitgerust - buigen we in Rochetaillée van de D1091 af naar het volgende tussenstation van onze kruistocht. De Col de la Croix de Fer is dan misschien niet zo indrukwekkend als de Alpe d’Huez met zijn spectaculaire 21 haarspeldbochten of als de grandioze Col du Galibier, maar in tegenstelling tot de druk bezochte Alpen-vedettes hoef je hier niet alle bochten te delen als snoepgoed op een kinderfeestje. Het is dus niet wringen geblazen, behalve natuurlijk tijdens een aankomst bergop van de Tour de France, een eer die alle drie de passen al meerdere malen ten beurt viel. In plaats van diep in de bochten te liggen, doen we het rustig aan, waarbij de verrassende indrukken het effect van een grabbelton hebben: soms voert de weg langs ruige rotsplateaus, dan weer worden we betoverd door spiegelgladde, turkooizen stuwmeren.

Schots en scheef

Na een kleine 30 kilometer houden we een korte pauze bij de splitsing naar de op enkele honderden meters verwijderde Col du Glandon, waar een grote familie schapen staat te blaten. Twee lammetjes kunnen niet meer lopen, haast vaderlijk houdt de schaapherder ze onder zijn arm geklemd en draagt ze de berg af. Dat ziet er schattig uit. Maar ook, voor wie beter kijkt, nogal gemeen. Want de herder houdt een van de dieren slechts aan de voorpoten vast. Wat weer eens aantoont dat op steile duizenders volop kan worden genoten van het landschap en de lammetjes.

Dan spreken we onze pk’s weer aan en rijden verder over de D926 door een kaal dal op weg naar de Col de la Croix de Fer. Zo ijzerhard het gelijknamige kruis aan de staalblauwe hemel prijkt, zo week worden romantische zielen van het uitzicht op 2.067 meter tot aan de Glacier de Saint-Sorlin. De ruige bergkam oogt scheef, kennelijk heeft God pas op het laatst de waterpas uitgevonden. In het midden staat de markante drietand Aiguilles d’Arves, erboven drijven witte wolkjes, alsof het Vaticaan zojuist een nieuwe paus heeft gekozen. Maar alles bij elkaar op een hoop is dit toch ook de materie waaruit fraaie nieuwe cols ontstaan.

Ook de afdaling in noordoostelijke richting vanaf de Col de la Croix de Fer naar Saint-Jean-de-Maurienne verdient applaus. Als een vreugdetraantje schittert het kleine Lac Guichard in het avondlicht. En als een waanzinnige stort de D926 zich door de Combe, waardoor de banden janken, wanneer je de Brembo-remmen overmoedig gebruikt. Maar dat stelt nog niets voor vergeleken bij wat er in drie rotstunnels mogelijk is: koppeling intrekken en gasklep open. Een schrille uithaal. Geen idee wat er precies gebeurt, maar voor wie zo dol is op cols vergaan horen en zien.

Terug naar donkere sensaties. Gelokt door de klinkende naam Hôtel du Galibier belanden we, opnieuw beschenen door het maanlicht, in Saint-Michel-de-Maurienne in een gelegenheid waarop de helaas pas later op internet uitgevonden kwalificatie it’s a real dump volkomen van toepassing is. Daarbij moesten we nog een heel eind lopen naar Pizzeria San Marco aan de Place de la Croix Blanche om niet met een lege maag naar bed te hoeven. Waar we in plaats van te slapen, luisterden naar de treinen en goederenwagons, die haast door de kamer denderden.

Rotsachtige pyramides

Uren later ligt dit allemaal weer achter ons en trekken we op onze motoren richting de Col de la Madeleine. Ook deze pas staat in de schaduw van een van de heel hoge Alpenpassen, namelijk de ca. 800 meter hogere Col de l’Iseran. Beide vormen noord-zuidverbindingen, waarbij het grotere stuk van de Alpenkoek zoals zo vaak op de meeste belangstelling kan rekenen. Is de Madeleine daarmee een muurbloempje? Allerminst! Met 1.500 hoogtemeters beulen de profs zich hier tijdens de Tour de France af en 21 haarspeldbochten bieden motorliefhebbers het nodige plezier. Met veel gas stuiven bovenlangs de vijf sterren skilocatie Saint-François-de-Longchamps twee Porsches met een veelzeggend GO op de kentekenplaat omhoog naar de pas, gevolgd door een zware Tiger en een lichte Ténéré uit Zwitserland. Ondertussen staat vlak aan de weg een bruinwit paard onaangedaan te grazen. Het wolkendek daarentegen lijkt wel te zijn beroerd door de drukgolf van de vier voertuigen, het schuift open en biedt uitzicht op een ruig bergpanorama. Daaronder liggen ook de cheminées des fées, rotsachtige piramides, net als in Cappadocië. En bovenop de col vergast huttenfee Kati ons in La Banquise 2000 met het fijnste appelgebak uit de wijde omgeving. Van de 1.993 meter hoge Madeleine rijden we over de D213 terug naar het dal van de Isère, en vervolgen onze weg tot aan Albertville, waar in 1984 de Olympische Spelen werden gehouden. Op het Europaplein willen de vredesduiven nog steeds niet vliegen. Maar da’s geen wonder, want ze maken deel uit van het standbeeld van een metalen dame.

Zondvloed

Dan wacht ons volop dynamiek op de D925. We worden ditmaal niet tegengehouden door scherpe haarspeldbochten; in plaats daarvan glijdt de BMW door een heerlijk golvend landschap. Even vóór Beaufort voegen we in op de Route des Grandes Alpes en vervolgen via de Col des Saisies onze weg naar de volgende Croix’. Het zicht wordt ondertussen wel steeds minder en er valt steeds vaker vocht uit de hemel.

Pitstop op de Col des Aravis. Onder de grijze, laag hangende wolken loopt een smal pad. Dat leidt naar La Croix de Fer – maar helaas… alleen bereikbaar met een trialmotor, aldus het hulpvaardige serviceteam van bar Chez Bruno. Dan moet zelfs een XR, die duizenders gewend is, afhaken. En dus houden we het bij een ererondje over de Manigod en La Clusaz tot aan de Col de la Croix-Fry. In plaats van in te checken in wellnessoase Les Sapins, rijden we over de Col de la Colombière naar de twee laatste routepunten, de Croix de Couer en de Col de la Croix. Maar daar zullen we nooit aankomen. Omdat de zondvloed is losgebroken, gaan we liever nu voor anker dan ten onder op een alpenpas.

Maar water hoort op een bepaalde manier ook bij de beleving van een echte kruistocht.

[DOWNLOAD DE ROUTE]

[BEKIJK DE KAART]

Harley-Davidson
Ik wil van mijn motorfiets af
Suzuki
Honda
Kawasaki
Moto Guzzi
TT Circuit Assen
Schuberth
Caberg
Indian
Kawasaki
Kushitani
Ducati
Harley-Davidson
Bayard
Arai
Bovag
KTM
Bridgestone
Husqvarna
MotoPort
BMW
Nolan
Honda
Ik wil van mijn motorfiets af
MACNA
KNMV
Triumph
Suzuki
Dane
Aprilia
Difi
HJC